Theorietest

Om goed aan te sluiten bij ons programma in het eerste jaar willen we graag jouw theoretische kennis en vaardigheden testen. Je krijgt op locatie een test die wij vanuit Moodle (onze digitale leeromgeving) voor je klaarzetten. Hieronder zie je op welke onderdelen je wordt getoetst. 

Noten lezen
•    Noten lezen en schrijven in de G-sleutel en F-sleutel.

Toonsoorten
•    Toonsoorten herkennen en schrijven tot en met 7 voortekens. (bijv. 2 kruisen = D groot/majeur of B klein/mineur)

Toonladders
•    Basistoonladders: majeur, mineur (oorspronkelijk/harmonisch/melodisch) herkennen en schrijven vanuit een gegeven grondtoon.

Intervallen
•    Stijgende en dalende intervallen herkennen en schrijven vanaf een gegeven noot.

Drieklanken
•    Basisdrieklanken: majeur, mineur, verminderd, overmatig herkennen en noteren in de verschillende omkeringen.

Dominantseptiemakkoord
•    Het dominantseptiemakkoord herkennen en schrijven in verschillende omkeringen.

Weten waar je staat en voorbereiden?
Je kunt je op bovenstaande onderdelen gemakkelijk thuis voorbereiden. We hebben een aantal linkjes voor je klaargezet:

Het praktijkgedeelte

Iedere kandidaat krijgt de gelegenheid zijn/haar muzikaliteit en muzikale vaardigheden te laten zien op een eigen authentieke wijze. Dit doe je door een repertoirelijst te sturen naar felix.havenith@zuyd.nl. De toelatingscommissie maakt dan een verzoeklijst die jij dan kan opnemen. (je kunt natuurlijk ook alvast je belangrijkste werken opnemen om tijd te winnen).

Algemeen
Over het algemeen zal de speelkwaliteit (interpretatie en muzikaliteit) van groter belang zijn dan de bereikte moeilijkheidsgraad.

Verplicht
Hieronder vind je een overzicht van hoe je programma er minimaal uit moet zien. In totaal bereid je dus minimaal 10 stukken voor (meer mag!), met een zo breed mogelijke representatie van genres. Denk aan pop, klassiek, kinderliedjes, musical, jazz, etc.
     1. piano- of gitaarbegeleiding + zang
     2. piano- of gitaarbegeleiding + zang
     3. piano- of gitaarbegeleiding + zang
     4. piano- of gitaarbegeleiding + zang
     5. zang, zonder begeleiding of begeleid door iemand anders
     6. zang, zonder begeleiding of begeleid door iemand anders
     7. piano klassiek/van partituur
     8. gitaar melodie indien mogelijk
     9. vrij (eventueel ruimte om een ander instrument te demonstreren)
     10. vrij (eventueel ruimte om een ander instrument te demonstreren)
Van de bovenste vier werken moet er minstens 1 met gitaarbegeleiding zijn, en 1 met pianobegeleiding. Je mag je uiteraard voor de zangstukken laten begeleiden door iemand anders.

2B. Voorbeeldlijst
Om een idee te krijgen vind je hieronder een lijst die geschikt zou kunnen zijn voor een toelating. (let op: dit is maar een voorbeeld, graag zelf naar eigen kwaliteit invullen)

voorbeeldlijst domu
Je moet op het toelatingsexamen bewijzen dat je in staat bent om één of meerdere akkoordinstrumenten (piano/gitaar) te bespelen. Als 1 van deze instrumenten nog niet voldoende is, wordt je geacht dit zo snel mogelijk bij te werken. Dit vergt naast je reguliere lessen soms extra inspanning.

Piano
De moeilijkheidsgraad van klassieke pianostukken kan worden vergeleken worden met onderstaande werken:

  • J.S. Bach, Klavierbüchlein für Anna Magdalena
  • Clementi sonatinen
  • Lemoine études opus 37
  • Burgmüller opus 100

Voor Jazz/pop zou je deze richtlijnen kunnen gebruiken voor het kiezen van je repertoire:

  • Real Book, Fake Book
  • Melodiespel met akkoorden
  • Popsongs waar je zelf bij zingt
  • Musicalrepertoire
  • Blues, eventueel met improvisatie
  • Kinderliedjes waar je zelf bij zingt

Spelen op overige toetsinstrumenten (accordeon, keyboard, synthesizer) is toegestaan.

Gitaar
Wanneer je jezelf begeleidt op gitaar, worden er naar de volgende technieken/speelwijzen gekeken:

  • Gebruik van plectrum
  • Gebruik van open akkoorden of barré akkoorden
  • Speelwijze ( bas op 1e tel en akkoord op afterbeat, 8e shuffle, 16e beweging, arpeggio’s, tokkelen, fingerpicking)

Hoe meer diversiteit je hierin kan laten zien, hoe beter.
Bij het spelen van een melodie worden er op de volgende zaken gelet:

  • Tempo vastheid
  • Ritme
  • Frasering en muzikale uitdrukking

Andere vormen van gitaarspel (klassiek of improvisatie) zijn niet verplicht, maar worden altijd aangemoedigd.

Zang
Bij het uitzoeken van zangstukken (met of zonder eigen begeleiding), kun je deze richtlijnen gebruiken:

  • Vocalises
  • Spirituals, gospelliederen
  • Musical
  • Popsongs
  • Aria’s
  • Volksliederen
  • Chansons
  • Cabaret
  • Kinderliedjes

Tevens laat je stukken horen in de volgende talen: Nederlands, Engels en evt een derde taal (Frans, Duits, Spaans, Italiaans)
Tijdens het toelatingsexamen zal erop gelet worden of je stemgebruik en uitdrukkingsvermogen te ontwikkelen zijn.
We adviseren ten zeerste om op zijn minst een klassiek stuk/lied te presenteren. Ook als je dit nieuw voor je is.

Melodie-instrument
Indien je een melodie-instrument bespeelt, adviseren we je om ook hiermee je speelkwaliteit te demonstreren.
Heb je specifieke vragen of twijfels over je programma dan kun je mailen naar onze commissie:

*Richtlijnen thuisopname:

  • Dit kan bijv. met je smartphone. Probeer een zo goed mogelijk toestel te gebruiken.
  • Zorg dat er geen bijgeluiden zijn of te veel galm.
  • Controleer of je camera en mic schoon zijn (vingervlekken, vuil, pluisjes)
  • Plaats je opnametoestel dicht genoeg bij de geluidsbron (stem/gitaar/piano).
  • Je moet zelf écht in beeld zijn wanneer je speelt.
  • Zet de camera zo dat je stem en instrument in verhouding zijn. Test dit.
  • Begin elke opname steeds met jezelf en een bordje/blaadje met je naam en titel/artiest/componist van het te spelen onderdeel.
  • Werk met een statief of vraag iemand om de camera vast te houden.
  • Indien je handig bent met opname materiaal en betere microfoons mag dat uiteraard.
  • De gevraagde fragmenten worden als ‘one takes’ opgenomen. Niet knippen en plakken in je opname. (wel elk stuk apart)
  • Op een live toelating gaat er ook wel eens iets mis, een foutje hier en daar. Dat is ook in een opname geen ramp. Zorg dat de opname een goede representatie is van hoe jij er voor staat.
  • Topkwaliteit opnames zijn fijn maar vaak ook veel te groot en leiden soms tot upload-problemen. Kies een goede middenweg.
  • Gelukkig is jezelf opnemen een heel goede oefening om je presentatie te verbeteren en/of finetunen.
  • Doorsturen via youtube(prive)link of Vimeo.
  • Voor technische en overige vragen kun je altijd mailen met felix.havenith@zuyd.nl

Auditieve vaardigheden

Bij het auditieve gedeelte (vroeger gehoor & solfège) van de toelating wordt je muzikaal gehoor getest. Er wordt voornamelijk gelet op de intuïtieve onderdelen waarbij je iets moet herhalen, nazingen en opschrijven.

Deze onderwerpen komen aan bod:
Intervallen

  •         Stijgend en dalend herkennen en nazingen

Geheugentraining

  •         Je kunt een voorgezongen ritme ±2 maten nadoen
  •         Je kunt een voorgespeeld melodiefragment van enkele maten op gehoor nazingen

Melodisch dictee

  •         Een eenstemmige eenvoudige melodie, onder begeleiding, noteren in g- of f-sleutel, zonder alteraties.

Ritmisch dictee

  •         Je kunt een eenvoudig voorgezongen ritme noteren en uitvoeren.

Toonladders

  •        Je kent de volgende toonladders: majeur, mineur. oorspronkelijk/harmonisch/melodisch

Solfège (van blad zingen)

  •        Je kunt een eenvoudige melodie, met begeleiding van de docent, van blad zingen (zonder alteraties, eenvoudig ritme, echter wel met enkele sprongen).

Motivatiegesprek

Tijdens een kort informeel gesprek van ongeveer 20 min met het Hoofd van de opleiding (Felix Havenith) vertel je over je motivatie en drijfveren om deze opleiding te doen. Dit is geen sollicitatiegesprek, maar een open en eerlijk gesprek om kennis te maken en te kijken of de verwachtingen van beide kanten reëel zijn.

Vragen?